Inleiding
Deze informatie is bedoeld voor vrouwen met een manisch-depressieve stoornis (mds), die de wens hebben om kinderen te krijgen. Ook voor uw partner en andere betrokkenen. De Lithiumpluswerkgroep brengt gelijktijdig een folder uit, die kan worden gebruikt als voorbereiding op gesprekken met behandelend artsen en psychiaters of als naslagwerk. De medisch-wetenschappelijke overwegingen, die de werkgroep bewogen hebben tot deze publicatie, is voor behandelaars samengevat in een richtlijn.
Het is niet de bedoeling, dat deze teksten in de plaats komen van gesprekken met uw behandelaars. Het is zeer belangrijk dat u zich goed laat voorlichten voordat u de keuze maakt om wel of niet zwanger te worden en zo ja, over hoe u dan om moet gaan met de medicatie. Als u geadviseerd wordt een stemmingsstabilisator te gaan gebruiken en u overweegt zwanger te worden, nu of in de toekomst, geef dit dan duidelijk aan bij uw behandelaars.
Anticonceptie
Gebruik een betrouwbaar voorbehoedmiddel om een ongewenste zwangerschap te voorkomen. Indien u medicatie gebruikt en zwanger wilt worden, stop dan nooit zomaar met anticonceptie, maar overleg eerst met uw psychiater en huisarts.
Lithium en Depakine (valproaat/valproïnezuur) hebben geen invloed op de anticonceptiepil. De betrouwbaarheid van de pil wordt echter door Tegretol (carbamazepine) wel verminderd. Wanneer u Tegretol gebruikt is een zwaardere anticonceptiepil of een andere vorm van anticonceptie nodig.
Erfelijkheid van mds
Hoewel er zeker sprake is van erfelijke factoren bij het ontstaan van mds is de wijze van overerving nog niet vastgesteld. Bij familieleden van een patiënt met mds komen stemmingsstoornissen (depressies en manisch-depressieve stoornissen) vaker voor dan bij familieleden van mensen zonder mds. Ook tweeling-studies laten zien dat er erfelijke factoren in het spel zijn. Bij eeneiige tweelingen, die hetzelfde erfelijke materiaal hebben, komt de ziekte vaker voor bij beide helften van de tweeling dan bij twee-ëiige tweelingen.
Grofweg kan men stellen dat kinderen die een vader of moeder hebben met mds een tienmaal zo grote kans hebben op de manisch-depressieve stoornis dan normaal voorkomt in de bevolking (15% tegenover 1%). Men kan dus zeggen dat er zeker een verhoogd risico bestaat bij het kind op mds als de moeder en/of de vader en/of een familielid mds heeft.
Het is echter niet mogelijk om voor de geboorte onderzoek te doen om vast te stellen of er een aanleg is voor het krijgen van de stoornis. Wel kan een klinisch geneticus (een specialist op het gebied van de erfelijkheid) worden ingeschakeld om de kans op overerving in een bepaald familie zo goed mogelijk in te schatten. Het is overigens wel aan te raden tenminste 1 a 2 jaar 'stabiel' te zijn alvorens zwanger te worden.
Voor- en nadelen van het gebruik van een stemmingsstabilisator (en andere medicijnen) tijdens de zwangerschap.
Wanneer u de keuze hebt gemaakt om zwanger te worden, zijn er wat medicatie betreft twee mogelijkheden te overwegen:
Tijdelijk stoppen met een stemmingsstabilisator. Er is dan een (grote) kans op terugval, waarbij mogelijk andere medicijnen als antipsychotica (tegen de manie en/of psychose), antidepressiva (tegen de depressie) en benzodiazepinen (om te slapen en rustiger te worden) gebruikt moeten worden.
Doorgaan met een stemmingsstabilisator in een (zo mogelijk) lagere dosering. Er moet dan, bij gebruik van lithium, een ander preparaat geslikt worden, namelijk Litarex in plaats van Priadel of Camcolit. Litarex is een middel met vertraagde afgifte. Wanneer het ook nog verdeeld over de dag ingenomen wordt, zullen er minder hoge pieken in de bloedspiegel ontstaan. Op deze manier blijven de risico's voor moeder en kind zo klein mogelijk. Bovenstaande geldt ook voor Tegretol (omzetten in Tegretol CR Divitab) en voor Depakine (omzetten in Depakine Chrono).
Het grote voordeel van het doorgebruiken van een stemmingsstabilisator tijdens de zwangerschap en na de bevalling is dat de kans op een manie en/of depressie of een kraambedpsychose sterk verminderd wordt. Het nadeel is, dat medicijngebruik tijdens de zwangerschap risico's oplevert voor moeder en kind.
Voor de meeste geneesmiddelen geldt dat ze, indien mogelijk, tijdens de zwangerschap vermeden dienen te worden. Met name in de eerste drie maanden kunnen medicijnen aangeboren afwijkingen veroorzaken bij het ongeboren kind.
Voor- en nadelen van lithiumgebruik tijdens zwangerschap
De wetenschap over lithium en aangeboren afwijkingen is de afgelopen jaren toegenomen. Aanvankelijk dacht men dat lithium een grote kans gaf op afwijkingen, met name hartafwijkingen. De laatste jaren, waarin men op lagere lithiumdoseringen is overgegaan, lijkt het risico op afwijkingen bij het kind niet echt veel groter dan gemiddeld. Een ander risico van lithiumgebruik is dat bij het kind na de geboorte vergiftigingsverschijnselen kunnen optreden. Daarom moet het kind meteen na de geboorte onderzocht worden door een kinderarts.
Ook moet de lithiumspiegel tijdens de zwangerschap vaker gecontroleerd worden. Er treden namelijk gedurende de zwangerschap en tijdens de bevalling aanzienlijke wijzigingen van de vochthuishouding en het lichaamsvolume op. Enkele dagen voor de bevalling moet de lithium gestopt worden om problemen bij moeder en kind te voorkomen. De bevalling moet worden ingeleid om de periode zonder lithium zo kort mogelijk te houden en moet plaatsvinden in het ziekenhuis. Na de bevalling moet meteen weer met lithium gestart worden, omdat in deze periode de kans op een terugval een stuk groter is. Uw stemming moet dus goed in de gaten worden gehouden.
Voor- en nadelen van Tegretol/Depakinegebruik tijdens zwangerschap
Andere middelen die de stemming stabiel houden zoals Tegretol en Depakine geven meer kans op aangeboren afwijkingen dan gemiddeld, met name op spina bifida ('open ruggetje'). De spiegel van tegretol en depakine veranderen tijdens de zwangerschap. Deze dienen dus bijgesteld te worden.
Indien een van deze middelen met goed resultaat wordt gebruikt ter
preventie van nieuwe ziekte-episoden moeten evenals bij het gebruik van lithium voor- en
nadelen van het gebruik tijdens zwangerschap afgewogen worden.
Indien rond de bevalling deze medicatie doorgebruikt wordt, kunnen er bij de baby na de
geboorte onttrekkingsverschijnselen (epileptische aanvallen) optreden. Borstvoeding kan
dit voorkomen omdat er kleine hoeveelheden van het middel via de moedermelk door het kind
worden opgenomen en de onttrekking daardoor geleidelijker verloopt.
Borstvoeding
Bij vrouwen die borstvoeding geven komt lithium in de moedermelk terecht en het kind krijgt dus ook een lithiumspiegel, gemiddeld de helft van de lithiumspiegel van de moeder. Het kind is echter veel gevoeliger voor lithium. Borstvoeding wordt daarom afgeraden. De productie van borstvoeding mag niet met medicijnen onderdrukt worden, daar u van deze middelen (o.a. Parlodel, bromocryptine) manisch kunt worden.
Bij Tegretol en Depakine lijkt borstvoeding veilig en voorkomt, zoals gezegd, zelfs onthoudingsverschijnselen bij het kind.
Prenatale diagnostiek
Er zijn tegenwoordig mogelijkheden om bepaalde afwijkingen tijdens de
zwangerschap op te sporen. Wanneer u lithium of andere medicatie gebruikt tijdens de
zwangerschap, kunt u overwegen om hiervan gebruik te maken.
Bij lithiumgebruik kan een echo worden gemaakt om eventuele aangeboren
afwijkingen te signaleren. Bij gebruik van andere stemmingsstabilisatoren wordt tevens een
vruchtwaterpunctie gedaan.
Stappen bij mds en kinderwens
1. Voordat u de beslissing neemt om zwanger te worden moet u zich laten informeren over:
- de ziekte mds zelf. Algemene informatie over lithium en andere stemmings- stabilisatoren kunt u vinden in het boekje 'Medicijnen bij de manisch-depressieve stoornis' dat te verkrijgen is via de NSMD. Op deze homepage vindt u ook het verslag van een NSMD bijeenkomst over dit onderwerp. Voor aanvullende informatie over de manisch-depressieve stoornis kunt u bijvoorbeeld het boekje van Hans Kamp lezen in de serie Spreekuur Thuis: 'Manisch depressief, verhoogde vatbaarheid voor manieën en depressies'.
- erfelijkheid en klinisch-genetisch advies. Via uw huisarts kunt u contact leggen met de dichtstbijzijnde afdeling Klinische Genetica van een academisch ziekenhuis.
- voor- en nadelen van medicatie en alternatieven bij zwangerschap. Een gespreksonderwerp voor uw psychiatrische behandelaar(s).
- prenatale diagnostiek, controles tijdens de zwangerschap en de klinische bevalling met opvang van uw kind door een kinderarts.
2. U neemt in overleg met uw behandelend psychiater contact op met een gynaecoloog, die werkt in een ziekenhuis waar ook een afdeling is voor pasgeborenen is, om het te volgen beleid rustig voor te bespreken.
3. U beslist of u wel of niet de medicatie doorgebruikt tijdens de zwangerschap. Wanneer u stopt moet u met uw psychiater overleggen, wanneer u stopt en op welk tijdstip u weer begint. U moet het middel niet acuut staken maar afbouwen. Wanneer u doorgaat met medicatiegebruik moet u overschakelen op een preparaat met vertraagde afgifte 3 à 4 keer per dag ( Lithium: Litarex; carbamazepine: Tegretol CR Divitab of valproaat: Depakine Chrono) voordat u de anticonceptie staakt.
4. Bij zwangerschap neemt u contact op met de gynaecoloog en u bespreekt de mogelijkheid van prenataal onderzoek. En eventueel abortus als dat nodig mocht zijn.
5. Indien mogelijk, dat wil zeggen als de stemming stabiel is, kan de medicatie in overleg met de psychiater enkele weken voor de bevalling voorzichtig geminderd worden.
6. In overleg met de gynaecoloog en de psychiater stopt u met lithium twee dagen voor de bevalling ingeleid zal worden. Tegretol en Depakine worden doorgebruikt.
7. Na de bevalling wordt het kind onderzocht door de kinderarts. De lithiumspiegel en schildklierfunctie van het kind worden bepaald uit het navelstrengbloed.
8. Zo snel mogelijk na de bevalling moet u weer uw oude medicijnen gaan slikken in dezelfde dosering als voor de zwangerschap.
Aanbevolen literatuur
H. Kamp: Manisch-Depressief, verhoogde vatbaarheid voor manieën en depressies.
E.M. van Gent (1996) Manisch-depressieve stoornis en Zwangerschap. In: Behandelstrategieën bij de manisch-depressieve stoornis (WA Nolen EAM Knoppert-Klein, EGThM Hartong. eds.), Hoofdstuk 8,76-83. Bohn Stafleu van Lochum.
Brochure: Medicijnen bij de manisch-depressieve stoornis, te verkrijgen via de NSMD. Nadere gegevens over deze en andere relevante boeken en brochures vindt u in de literatuurlijst elders op onze homepage.
Uw behandelaar(s) kunnen contact opnemen met de Lithiumpluswerkgroep via een van de onderstaande adressen voor de Richtlijn MDS en Kinderwens. De werkgroep heeft voor hen ook een lijst van deskundigen beschikbaar.
De inhoud van deze folder is tot stand gekomen in een samenwerkingsverband tussen de Nederlandse Stichting voor Manisch Depressieven (NSMD) en de subwerkgroep 'Lithium en Zwangerschap', van de Lithiumpluswerkgroep: website www.NSMD.nl
Met speciale dank aan Alette van Bentum voor het uitgebreide redactiewerk. De brochures over 'mds en kinderwens' verschijnen in de zelfde serie als die over lithium, in aparte uitgaven gericht op de cliënten en op hun behandelaars. Tekst en verspreiding worden geredigeerd door dr. H.A.P.C. Oomen, internist, samen met de Drukkerij van het Dagactiviteitencentrum Rijngeestgroep Cvp. De opzet is om de informatiebrochure voortdurend bij te stellen en te actualiseren. De brochures worden voor de doelgroep gratis ter beschikking gesteld. De teksten zijn voor organisaties via deze homepage over te nemen of kunnen als electronisch tekstbestand worden opgevraagd bij de LithiumPlusWerkGroep Langevelderweg 27, 2211 AB Noordwijkerhout. Fax +31 235478515. Op- en aanmerkingen over de tekst van deze homepage kunt u SCHRIFTELIJK melden via de email adressen: Dr. H.A.P.C. Oomen, internist Rijngeestgroep Cvp oomen@xs4all.nl. Dr. E.M. van Gent, zenuwarts Slingeland Ziekenhuis, emvgent@worldonline.nl . Schriftelijke reacties per post graag bij: Dr. E.M. van Gent, zenuwarts Slingeland Ziekenhuis Pb 169 -7000 AD Doetinchem
04 November 2000