Spore Mushroom Products
Gargouille 1
4007 RE  TIEL
  The Netherlands
tel: 0344 630 580 fax 0344 630 225
E-mail: spore@antenna.nl

 

Paddestoelen kweken 2

Inhoudsopgave

1 Biologie van paddestoelen
het verschil tussen paddestoelen en planten
ecologie: saprofieten, parasieten en symbionten
de levenscyclus van de zwam
2 Paddestoelen kweken in vogelvlucht 2 Paddestoelen kweken in vogelvlucht
substraat
broed en enten
doorgroeifase
vruchtvorming en oogst
3 Houtstammenteelt
shiitake
oesterzwam
4 Stro en houtsnipper substraat
oesterzwam
Stropharia


2 Paddestoelen kweken in vogelvlucht

substraat
Gekweekte paddestoelen groeien op organisch materiaal. Sommige soorten groeien op allerlei soorten materiaal, terwijl andere heel specifieke eisen stellen. Champignons bijvoorbeeld groeien het beste op compost, die het resultaat is van een nauwkeurig gestuurd fermentatieproces. Op verse paardemest wil de champignon niet groeien. Oesterzwammen zijn minder kieskeurig: ze groeien zowel op boomstammen, op houtsnippers als op stro.
Het substraat moet zo min mogelijk schadelijke of concurrerende organismen bevatten. Dat betekent dat hout, dat al een jaar lang buiten ligt, veel minder geschikt is dan recent gekapt hout. In de lucht zweven namelijk miljarden sporen, die gegarandeerd op het hout terecht zullen komen. Na verloop van tijd zal een aantal kiemen en het hout besmetten. Het is daarom beter vers hout te gebruiken.
Substraat in de vorm van stro of houtkrullen is geschikt te maken door het te pasteuriseren in water van 70 °C. Een alternatief is het substraat een aantal weken volledig onder water te houden en onder zuurstofarme omstandigheden te laten fermenteren.

 broed en enten In de natuur verspreiden paddestoelen zich dan wel met behulp van sporen, in de teelt is het gewenst de gewenste paddestoel een voorsprong te geven op concurrerende zwammen. Dat gebeurt door de zwamvlok voor te kweken op dragermateriaal. De meest gebruikte dragermaterialen zijn graan, houten deuvels en stro. Na sterilisatie ent een laboratorium de paddestoel onder steriele omstandigheden op het dragermateriaal. Het volledig doorgroeide materiaal noemt men broed.
Hoe gelijkmatiger het broed over het substraat verdeeld is, des te beter en gelijkmatiger de kolonisatie. Dat enten kan bij houtstammen plaatsvinden door op gelijkmatige afstanden gaatjes te boren in het hout en daar een deuvel in te slaan. Bij stro kan het gewoon goed gemengd worden met het strosubstraat.
doorgroeifase Na het enten moet het mycelium vanuit het broed het substraat koloniseren. Hoelang de kolonisatiefase duurt, hangt af van het type substraat, de hoeveelheid broed en de temperatuur. De optimale doorgroeitemperatuur is voor de meeste soorten ongeveer 25 °C. Bij lagere temperaturen groeit het mycelium langzamer en duurt de doorgroei langer. Bij harde, compacte substraten zoals houtstammen duurt de doorgroei veel langer dan bij een los substraat van stro. Oesterzwammen doen er onder optimale omstandigheden slechts 2 weken over om strosubstraat te koloniseren; op houtstammen doen ze er minimaal zes maanden over.
vruchtvorming en oogst Nadat de zwamvlok het substraat volledig doorgroeid heeft, is het tijd om de vruchtvorming te stimuleren. Bij de meeste soorten gebeurt dat in de natuur door veranderde weersomstandigheden. Veel vocht en een geschikte temperatuur zijn de belangrijkste voorwaarden die de zwamvlok vereist om paddestoelen te kunnen vormen. Afhankelijk van de buitentemperatuur groeien die knopjes in vijf dagen tot twee weken uit tot volwassen paddestoelen. U kunt kiezen of u ze volledig laat uitgroeien of al plukken in een jongere fase. Bij de teeltbeschrijvingen per soort is aangegeven hoe u daar het beste mee om kunt gaan. In alle gevallen is het belangrijk de paddestoelen voorzichtig te plukken door ze uit het substraat te breken of draaien. Wie er ruw aan trekt, trekt een deel van de zwamvlok kapot en zal minder oogst krijgen.

Deze website is een initiatief van Spore, broedlaboratorium voor paddestoelen..
© Stichting Eco Consult, 2000.