De randstad in?
Betalen!
Als je op een
mooie zomerdag naar Zandvoort rijdt, hoor je op de autoradio: als u er nu nog niet bent,
ga dan terug, want u komt er niet meer vandaag. Ik gebruik mijn auto ook niet meer als ik
naar Den Haag moet. Heel jammer, want het is iets fundamenteels: de vrijheid om je te
bewegen. Maar het is kansloos. De trein is de enige mogelijkheid geworden. En dat betekent
meestal: staan. Dat noem ik voor een land, en ook voor mezelf, achteruitgang van
kwaliteit.' Ruim twee uur lang heeft prof.dr. Klaas van Egmond genuanceerd, gerelativeerd
en gewezen op mogelijke oplossingen voor milieuproblemen waar Nederland mee kampt Met het
typische enthousiasme van de wetenschapper bezong hij de zegeningen van de technologie.
Maar als hij het aan het eind van het gesprek tijd acht om 'even uit te zoomen', klinkt
hij zorgelijk. Door de bevolkingsdichtheid, de industriële activiteit, de mobiliteit en
het onbeperkte consumptiepatroon, komen volgens hem de grenzen in zicht van wat de
technologie nog aan oplossingen te bieden heeft. Problemen zullen vroeg of laat moeten
worden aangepakt 'aan de consumptiekant'. 'De ruimte om te bewegen is op. Ons devies is:
blijf ruimtelijk ordenen. Zo kun je het probleem nog even voorblijven. Geen verkeer waar
mensen wonen, geen woningen in de buurt van wegen. Maar uiteindelijk red je het niet. In
Londen hebben ze al gezegd: de technische trues zijn op. We kunnen domweg een deel van de
auto's niet meer toelaten.'
Klaas van
Egmond is directeur van het Milieu- en Natuurplanbureau, de milieutak van het
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Het instituut, in Bilthoven, beslaat
een terrein ter grootte van een uit de kluiten gewassen nieuwbouwwijk. Er werken zo'n
dertienhonderd onderzoekers aan de meest uiteenlopende zaken. In zijn functie, die hij nu
ruim veertien jaar bekleedt, is Van Egmond een van de hoogste ambtenaren op het gebied van
milieu. Vraag hem dus niet: wat vindt u daarvan? Het antwoord zal zijn: daar vinden wij
niets van. 'Als onderzoekers zijn wij niet gemandateerd om ergens iets van te vinden. Wij
dragen bij aan de kwaliteit van de Haagse discussie door wat er buiten in dit land
gebeurt, zo goed mogelijk in kaart en op de vergadertafels te brengen. Wij
doenmetingen.evaluatiestudies en brengen daarover rapporten uit. Soms ongevraagd, als wij
dat nodig vinden. Maar de politick zorgt voor de normatieve kant.' Droogjes constateert de
wetenschapper dat de tijdgeest niet meezit. 'We merken dat het milieu geen hoge prioriteit
heeft. Dat zien we bijvoorbeeld aan het gebrek aan aandacht voor het
duurzaamheidsvraagstuk, of voor het klimaatprobleem. Die worden afgedaan als luxeproblemen
die pas aan de orde komen als het goed gaat. De afweging tussen milieu en economie valt
vaker uit naar de economische kant. Frappante is wel dat uit de enquetes die wij voor onze
duurzaamheidsverkenning hebben gehouden, heel duidelijk naar voren kwam dat mensen de
grote milieukwesties als klimaatverandering en de vervuiling van de wereldzeeën als de
allerhoogste prioriteiten zien. Ze willen daarvoor ook offers brengen, mits hun buurman
dat ook doet. En de overheid moet het regelen. Zo houden we elkaar gevangen.'
K
Door al
die auto's is hier ook buiten de steden de oncentratie stikstofdioxide hoger dan elders in
Europa. Nog afgezien van de industrie rijden daar zoveel auto's dat het totale volume aan
N02 erg hoog is. Daarom is bij ons ook buiten de steden de concentratie hoger dan elders
in Europa.' Met andere woorden: wie Lyon uit.vlucht, ademt sneller schone lucht in dan
degene die Amsterdam achter zich laat. Inmiddels heeft het kabinet besloten op
verschillende plekken de maximumsnelheid terug te brengen tot tachtig kilometer per uur.
Een experiment dat is uitgeprobeerd bij Schiedam en dat blijkt te werken. Maar het helpt
niet genoeg. Nederland zal niet kunnen voldoen aan de Europese normen voor NOx-uitstoot in
het jaar 2010. Vijf jaar later lukt dat waarscbijnlijk wel, want de techniek die auto's
schoner maakt, vordert snel. Daarna zal zonder nieuwe maatregelen de uitstoot overigens
weer snel toenemen, vooral omdat het vrachtwagenverkeer met Oost-Europa naar verwachting
zal vervijfvoudigen. Van Egmond: 'De techniek wordt ingehaald door het volume.'
Staatssecretaris Van Geel zal in Brussel uitstel vragen om hoge boetes te voorkomen. 'Als
dat niet lukt, moeten we voor die paar jaar miljarden investeren om viaducten en
overkappingen te bouwen om de bewoners rond de snelwegen vijf jaar eerder te beschermen.
En dat levert maar een klein gezondheidsvoordeel op, een paar procent van die vijfduizend
mensen. Dat zijn inderdaad vreemde sommetjes. Maar let wel: het gaat om mensen die anders
gemiddeld een jaar later zouden sterven.'
Naast de
stikstofdioxide is er nog een andere stof die
de gemoederen wereldwijd bezighoudt: de koolstofdioxide, ofwel CO2. Die is niet schadelijk
voor de gezondheid, maar draagt wel bij aan klimaatverandering. Daarover worden verhitte
discussies gevoerd, ook in Nederland. Sceptici betwijfelen of het klimaat daadwerkelijk
verandert, anderen beweren dat de mens er helemaal niet de hand in heeft. Van Egmond,
stellig: 'Klimaatverandering is een feit. Punt. En het is in Nederland al lang merkbaar.
De afgelopen eeuw is het hier een graad warmer geworden. De vijf warmste zomers van de
eeuw hadden we in de laatste tien jaar. We zien verschuivingen in de natuur. Het
groeiseizoen is meetbaar vervroegd, waardoor vogeltjes in de war zijn, omdat die rupsen
die ze altijd eten, niet op tijd uit hun coconnetje komen. Bij Maastricht komen er nieuwe
soorten het land binnen. Zo hebben we hier opeens een vlindertje, de Gehakkelde Aurelia,
die altijd alleen in Belgie voorkwam. En andere soorten verlaten bij Delfzijl het land.'
Desondanks zegt Van Egmond blij te zijn met de inbreng van de milieusceptici, ook al
plegen die hun tegenstanders aan te duiden als 'milieumaffia'. 'Elegant is anders. Maar
daar moeten we maar doorheen luisteren. De wetenschap gaat alleen maar vooruit door mensen
die zich voortdurend kritisch afvragen of dingen wel waar zijn. Daar hoor je je
principieel voor open te stellen. Er blijft een zekere mate van onzekerheid over van de
mens bij klimaatverandering. En die twijfel is voor een deel principieel, omdat je de
wereld nou eenmaal niet op een laboratoriumtafel kunt leggen. Er is maar een experiment en
daar maken we allemaal deel van uit. Dus dat is lastig.' De discussie spitst zich voor een
belangrijk deel toe op de invloed van de zon bij de opwarming van de aarde. 'Ook ik vind
dat een heel spannend punt }e moet je realiseren dat die zon de afgelopen zeventig jaar
opeens actiever is dan de duizenden jaren daarvoor. Hij zendt meer energie uit, meer
warmte. En dat is net die periode waarin we ook die opwarming zien. Klimaatsceptici
zeggen: dan komt die opwarming dus door de zon. En tja, dat kun je inderdaad niet helemaal
uitsluiten. Maar uiteindelijk ben ik het wel met ze oneens. Want als je alles op een rij
zet, ook het effect van de zon, kun je het plaatje alleen helemaal kloppend krijgen als je
voor de tweede helft van de vorige eeuw het effect van de mensen erbij rekent, met de
enorme toename van de CO2-uitstoot.' Wereldwijd is dat de overheersende wetenschappelijke
mening. Dat heeft geleid tot het Kioto-protocol. Ook Nederland heeft dat ondertekend, en
dus zijn we verplicht te zoeken naar wegen om de uitstoot te verminderen. Daarbij, legt
Van Egmond uit, wordt de technologische ontwikkeling ingehaald door het stijgende aantal
mensen en hun consumptiepatroon. 'De gemiddelde auto is de afgelopen jaren tenminste
twintig procent efficienter geworden, zuiniger. En benzineverbruik is recht evenre
D
De kritische mobilist 2005
Commentaar en kopij aan ons opsturen