INDONESIE FEITEN EN MENINGEN JAARGANG 20 NUMMER 2 NOVEMBER 1997

Mandela breekt lans voor Xanana en autonomie

Yvette Lawson

De Zuid-Afrikaanse president Nelson Mandela heeft sinds het
staatsbezoek aan Indonesië afgelopen juli een diplomatiek offensief
gevoerd dat erop is gericht een oplossing voor het Oost-Timor conflict
naderbij te brengen.  De vredesbemiddelaar heeft de
secretaris-generaal van de Verenigde Naties, Kofi Annan, verzekerd dat
zijn inspanningen ten dienste staan van een oplossing die onder
toezicht van de volkerenorganisatie tot stand moet worden gebracht.
Of Mandela zijn initiatief, dat van Indonesische zijde
gebagatelliseerd wordt, de komende tijd meer gestalte kan geven, zal
mogelijk blijken na het voorgenomen bezoek van Suharto aan Zuid-Afrika
eind november.

Op 15 juli kon Xanana Gusmao zich de eerste gevangene noemen die de
Cipinang-gevangenis tijdelijk mocht verlaten voor een twee uur durend
onderhoud met een staatshoofd.  Mandela sprak de tot 20 jaar cel
veroordeelde Oost-Timorese verzetsleider op een steenworp afstand van
Suharto's presidentieel paleis in het staatsgastenverblijf.  Nieuws
over het plaatsvinden van de vertrouwelijke ontmoeting lekte naar de
pers en zal velen in Indonesië verbaasd hebben, omdat de Indonesische
autoriteiten standvastig volhouden dat Xanana een ordinaire crimineel
is.  Na terugkeer in Zuid-Afrika nodigde Mandela de Portugese
president Jorge Sampaio en de Portugese minister-president Antonio
Guterres, evenals de Oost-Timorese Nobelprijswinnaars Jos‚ Ramos Horta
en bisschop Ximenes Belo uit om zijn bedoelingen uit te leggen.  Ook
had Mandela een onderhoud met de speciale VN-gezant voor Oost-Timor,
Ramsheed Marker.  In augustus verscheen in de pers het bericht dat
Mandela een brief had geschreven aan Suharto waarin hij verzocht
Xanana in vrijheid te stellen.  Dat was het moment waarop diplomatieke
commotie ontstond.  Suharto, die het nieuws via Portugese dagbladen
vernam, ontkende de brief ontvangen te hebben.  Zuid-Afrikaanse
ambtenaren, zo gaat het verhaal, zouden de brief van Mandela niet naar
de Indonesische ambassade in Pretoria hebben gestuurd, of er in ieder
geval niet op gelet hebben of de brief via deze ambassade op de juiste
plek werd bezorgd.  Een kopie van de brief zou via de Portugese
ambassade in Portugal terecht zijn gekomen en daar aan de pers zijn
doorgespeeld.  Alhoewel de Indonesische autoriteiten lieten weten niet
aan een dergelijke oproep gehoor te kunnen geven, lijkt een
diplomatieke rel in de kiem te zijn gesmoord nadat Mandela Suharto
zijn excuses had aangeboden.  Schijnbaar onbewogen en niet afgeleid
door de blunders begaan door zijn ambtenaren, maakte Mandela medio
september bekend dat hij er bij zijn Indonesische ambtgenoot ook op
had aangedrongen Oost-Timor autonomie te verlenen.  Reden voor Ali
Alatas om in Jakarta de buitenlandse correspondenten te woord te
staan.  De Zuid-Afrikaanse president had langdurig gevangen gezeten en
de geschiedenis tussen 1975 en 90 niet kunnen volgen.  Mogelijk was
hij daarom niet geheel op de hoogte van de werkelijke gang van zaken
en niet helemaal juist voorgelicht.  Alatas liet de correspondenten
weten dat van het verlenen van autonomie geen sprake kon zijn.  Dat
wilden nog wel meer provincies.  Ook kon Xanana niet onvoorwaardelijk
worden vrijgelaten.  Het ging immers om een misdadiger; politieke
gevangenen bestaan in Indonesië niet.  Maar aan enige tegenspraak in
zijn uitleg ontkwam Alatas niet:  vrijlating van Xanana zou overwogen
kunnen worden als onderdeel van een definitieve oplossing van de
kwestie.  'Daarbij zou Portugal nu eens eindelijk de integratie van
Oost-Timor moeten accepteren en bovendien zou aan nog een aantal
andere Indonesische voorwaarden moeten worden voldaan' (NRC
Handelsblad, 11.09.97).

Hoe aantrekkelijk de inspanningen van Mandela op zich ook mogen
klinken, Xanana zelf relativeerde het belang van zijn vrijlating.  Hij
liet na de ontmoeting met Mandela weten zeer vereerd te zijn:  'Dit
betekent dat onze strijd erkend wordt'.  Over het verzoek voor zijn
vrijlating was de verzetsleider duidelijk.  'Ik ben 18 jaar in de
jungle geweest.  Achttien jaar van je hulpeloos voelen, je vrienden
zien sterven.  Je voelt een grote woede, maar kunt niets doen.  Als ik
dat gewild zou hebben, zou ik een paar jaar geleden vrij zijn gekomen.
Maar ik ben van meer nut in de gevangenis.  Wanneer ik naar het
buitenland zou vertrekken, zou de betekenis van de strijd verloren
gaan.  Mijn persoonlijke vrijheid is niet van essentieel belang voor
een vreedzame oplossing voor Oost-Timor' (Sydney Morning Herald,
12.09.97).

Prominenten doen oproep

Bijeen op een door president Vaclav Havel gevisiteerde internationale
bijeenkomst te Praag, het Forum 2000, riepen ook andere
Nobelprijswinnaars en prominenten Suharto op om Kofi Annan en Mandela
tegemoet te komen in hun inspanningen het conflict op de kortst
mogelijke termijn op te lossen.  In een verklaring werd het belang van
Mandela's initiatief geduid.  Maar ook werd gewezen op de positieve
aspecten die het vinden van een oplossing voor Indonesië kan hebben.
'De zich ontwikkelende wereld, en Indonesië in het bijzonder, zou een
leidinggevende rol moeten spelen in het vinden van oplossingen voor
tragische conflicten die zoveel levens geëist hebben, zoals in
Oost-Timor.  Ook Indonesië heeft levens verloren in Oost-Timor.  Uw
bijdrage aan het beëindigen van het Oost-Timor-probleem zou door de
internationale gemeenschap ontvangen worden als een historische
bijdrage aan het mensdom'.  Tot de ondertekenaars behoorden onder meer
de voormalige presidenten van West-Duitsland, Richard von Weiszacher,
Costa Rica, Oscar Aras Sanchez, en Zuid-Afrika, De Klerk.

[terug]