Uit een verklaring van het bestuur van de Perhimpunan Indonesia, Mei 1945:
AAN HET NEDERLANDSE VOLK!
[]
Thans, op de dag dat de vaan der vrijheid het hakenkruis heeft
vervangen, richt ook de Perhimpunan Indonesia, de politieke
organisatie der Indonesiërs in Nederland, zich tot U.
De Perhimpunan Indonesia vormt een deel van de nationale
vrijheidsbeweging, die strijdt voor het recht op politieke
zelfbeschikking van Indonesië. Zij streeft naar een verandering
van de verhouding Nederland-Indonesië in die zin, dat de
tot nu toe bestaande koloniale verhouding met Nederland, definitief
vervangen wordt door een verhouding van wederzijds volkomen
gelijkgerechtigheid. Haar doel is derhalve een zelfstandig en
democratische Indonesië. omdat alleen daarin de waarborg ligt dat
het Indonesische volk zijn volledige ontplooiïng in politiek,
economisch en sociaal opzicht in eigen hand zal hebben.
[]
Toen vijf jaar geleden Nederland bezet werd, trad de Perhimpunan Indonesia
van het legale toneel en nam zij haar plaats in, in de wereld van het
ondergrondse front, waar zij tezamen met de Nederlandse
vrijheidsstrijders de strijd tegen de Nazi's opnam. De Perhimpunan Indonesia
nam op welhaast alle gebieden aan het verzet deel.
Indonesiërs namen deel aan het algemene verzet tegen
deportatie en Arbeidseinsatz, aan de strijd der studenten en artsen,
aan de hulpverlening en verzorging van illegale werkers en
onderduikers, aan spionnage en sabotage, de vervaardiging van valse
papieren en het overvallen van distributie-bureaux, aan de
verspreiding van en het schrijven van artikelen in de ondergrondse
persorganen, terwijl de uitgave van een eigen nieuws- en verzetsblad
en de vorming van een gevechtsgroep "Irawan" van de Perhimpunan
Indonesia, als onderdeel van de Nederlandse Binnenlandse
Strijdkrachten, ons aandeel in het verzet completeerden. Ook de
Indonesiërs hier te lande hebben, zoals zovele Nederlanders,
daarom hun offers in goed en
bloed gebracht.
[]
Meer dan eens heeft de Nederlandse regering vanuit Londen
verklaard, dat het nederlandse volk in de bevrijding van Indonesië een
zo groot mogelijk aandeel moet hebben. Terecht! Doch laat de zaak,
waarvoor men vecht ook klaar en duidelijk gesteld worden, opdat geen
weifeling, geen onzekerheid over de doeleinden de strijd zal
verzwakken.
Het Indonesische volk heeft er recht op te weten welke status
Nederland aan Indonesië na de bevrijding zal toekennen. het heeft er
recht op de uitvoering te zien van de democratische beginselen,
neergelegd in de rede van H. M. de Koningin van 7 december 1942,
waarin Zij verklaarde dat de verhouding Nederland-Indonesië na de
oorlog geregeld zal worden in "vrij overleg" en "op de stevige basis
van een volledig deelgenootschap", uitgaande van het feit, dat de
oorlogsjaren hebben bewezen, dat beide volken de wil en bekwaamheid
bezitten tot een eensgezinde en vrijwillige samenwerking." In
aansluiting aan deze klare uitspraak en plechtige toezegging van H.M.
de Koningin en uitgaande van het door het Indonesisch Volkscongres,
dat als zodanig de stem van de gehele nationale beweging
vertegenwoordigt, in 1939 terzake ingenomen standpunt, constateert de
Perimpunan Indonesia de zowel in Nederland als in Indonesië
uitgesproken wens tot een definitieve liquidering van de koloniale
status.
Zij meent, dat de wijzingen van de verhouding Nederland-Indonesië
zal inhouden:
De status van zelfstandigheid van Indonesië met een eigen
volksvertegenwoordiging en een daaraan verantwoordelijke regering
benevens een orgaan, waarin vertegenwoordigers van Nederland, van
Indonesië, Suriname en Curaçao de gemeenschappelijke zaken
behandelen.
[]
Nederlanders,
Meer dan vijf en dertig jaar vervulde de Perimpunan Indonesia als
de enige politieke organisatie van de Indonesiërs in Nederland haar
taak als trait-d'union tussen het Indonesische en Nederlandse volk.
Die taak neemt zij thans weer op, opdat nu, meer en duidelijker dan
vroeger, de stem van strijdend Indonesië zal worden gehoord in een
nieuw en herboren Nederland.
[]
Moge de gemeenschappelijke strijd van onze beide volken tegen het
fascisme de bodem hebben bereid voor een samengaan op voet van
wederzijdse achting en vriendschap. Moge de roep van het Indonesische
volk op de vervulling van zijn gerechtvaardigde wensen, om de
verwezenlijking van een zelfstandig bestaan thans volle weerklank
vinden. "
Bron:- In het land van de overheerser, deel I, Indonesiërs in Nederland
1600 - 1950, door Harry A. Poeze.