Datum
15 september 2004
Inleiding
Raadsbesluit
Op 31 januari 2001 heeft de stadsdeelraad van Amsterdam Oud Zuid
besloten om een betekenis- en naamswijziging door te voeren van het
Van Heutszmonument. Vanaf dat moment was er niet langer sprake van
een ereteken voor Generaal Van Heutsz maar werd het bouwwerk van
Friedhof en van Hall een herinnerings-monument voor de Indisch-
Nederlandse koloniale periode met als nieuwe officiële naam: Monument
Indië Nederland.
Op 27 februari 2004 heeft het Dagelijks bestuur van Oud Zuid een adviescommissie benoemd om hen bij het proces van de betekenis en naamswijziging te adviseren over de twee volgende punten:
Deze commissie heeft als taak een advies op te stellen dat onderdeel zal uitmaken van het door het stadsdeel op te stellen programma van eisen, ten behoeve van de uitvoering van de genoemde veranderingen ten gevolge van de naamswijziging.
De ACMIN¹ is unaniem in haar oordeel dat het monument geen herdenkingsplaats dient te worden. Zij adviseert om het monument de status van een `herinneringsmonument' te geven, dat wil zeggen een monument dat terugkijkt naar de koloniale relatie tussen Indië en Nederland maar zich niet aan een specifieke gebeurtenis verbindt. Het monument kan daarmee een bescheiden bijdrage leveren aan de bewustwording van het gedeelde verleden van Nederland en Indonesië.
Hoewel de adviescommissie als taakstelling heeft een advies voor te bereiden voor de uitwerking van de nieuwe betekenisgeving en functiewijziging van het `nieuwe' monument beperkt het advies van de ACMIN zich hoofdzakelijk tot het inhoudelijke referentiekader voor de kunstcommissie en de betrokken kunstenaar. Dit neemt niet weg dat er uiteraard suggesties t.a.v. de vormgeving kunnen worden gegeven.
In het stappenplan behorende bij de opdrachtformulering van de adviescommissie is al aangegeven dat de fysieke aanpassing aan de voorzijde klein en bescheiden zal zijn. Behalve dat het hier gaat om een (Rijks-)monument met een intrinsieke architectonische waarde wordt hiermee aangegeven dat de aanpassing het karakter van een toevoeging dient te krijgen. Daarnaast adviseert de commissie om, zonder echter nadruk te leggen op de persoon van Van Heutsz, de geschiedenis van het monument zelf te tonen.
De randvoorwaarden van de ACMIN voor de uitwerking van de
nieuwe betekenisgeving en functiewijziging van het monument.
De `uitwerking' van de nieuwe betekenisgeving en functiewijziging van
het monument vallen naar de opvatting van de ACMIN uiteen in twee
van elkaar te onderscheiden elementen:
De historie van het monument dient hierin op enigerlei
zichtbaar te worden gemaakt. Hieronder wordt onder meer
verstaan de ooit met een koevoet verwijderde bronzen
tondo met de beeltenis van Van Heutsz evenals de
verwijdering van zijn in losse bronzen letters aan het
podest gehechte naam.
Tot de historie van het monument behoren eveneens de
bewaard gebleven bronzen pinnen waar de tondo ooit was
bevestigd. De commissie adviseert om deze pinnen bij de
restauratie van het podest te conserveren of op andere
beeldende wijze te refereren aan het ooit op deze
prominente plek bevestigde medaillon van Van Heutsz. De
ACMIN is van mening dat in de nieuwe vormgeving voor
de beeltenis of de naam van Van Heutsz geen plaats meer
is.
De commissie is het er over eens dat de woorden Indië en Nederland evenals de jaartallen 1596 en 1949 aan of bij de voorkant van het monument aangebracht dienen te worden. Daarbij krijgt het woord Indië een zodanige plaats, dat het visueel en/of intentioneel voorafgaat aan het woord Nederland.
Een toelichting² bij het monument die de historie van het monument en de aan de voorzijde van het podest aangebrachte nieuwe naam en functiewijziging verduidelijkt.
Over de uitwerking van die toelichting wordt in het raadsbesluit van 31-
01-2001, geen nadere uitspraak gedaan.
De ACMIN is van mening dat:
De ACMIN heeft hiertoe een aanzet gegeven die aan bovenstaande aanbevelingen getoetst kan worden. Deze tekst wordt u als bijlage met dit advies aangeboden.
De ACMIN spreekt, mede vanwege de toegevoegde waarde die een plaatsing aan de huidige achterzijde van het monument met zich meebrengt, unaniem haar voorkeur uit voor de achterzijde .
Naast het gevraagde advies, zoals omschreven op pagina 1 van deze notitie, heeft de commissie de vrijheid genomen een aantal aanbevelingen te doen. De ACMIN adviseert om, vanwege de bewogen geschiedenis van het monument, via een (foto-)boek of flyer en op de website van het stadsdeel, meer informatie dan alleen de verklarende tekst voor het publiek beschikbaar te maken over:
Ten slotte wil de ACMIN het dagelijks bestuur nog graag wijzen op de suggesties die ACMIN-lid Frans Van Burkom op persoonlijke titel heeft ingebracht. Hoewel deze aanbevelingen feitelijk buiten de scope van de ACMIN vallen, adviseert de commissie het dagelijks bestuur zijn opmerkingen als informatie bij het vervolgtraject op te nemen.
Dit advies is opgesteld door Anita Frank, adviserend lid adviescommissie en goedgekeurd door de leden van de Advies Commissie Min.
¹ Adviescommissie Monument Indië Nederland
² met het woord `toelichting'wordt zowel tekst als beel bedoeld.