Aan:
Clingendael
t.a.v.
Dhr. R. Aspeslagh
Clingendael
7
2597
VH Den Haag
Amsterdam,
4 april 2000
Geachte
heer Aspeslagh,
Met
belangstelling heb ik kennis genomen van uw schrijven d.d. 22 maart
2000 betreffende het advies dat Clingendael gaat schrijven over het
Amsterdamse Van Heutszmonument in opdracht van het bestuur van
stadsdeel Amsterdam Oud Zuid. Dat heb ik ook in ons telefoongesprek
van 31 maart j.l. gemeld. Hierbij voldoe ik aan mijn belofte wat
opmerkingen ook aan papier toe te vertrouwen. Ik zie echter af van
verdere rondleidingen, lunches, diskussies en borrels.
Vooraf
Zoals
U bekend houdt het Komitee Indonesië (Stichting Informatie
Indonesië) zich sinds zijn oprichting in 1968 bezig met de
mensenrechtensituatie in Indonesië (en Oost-Timor) en het
Nederlands (later Europees) buitenlandbeleid ten aanzien van
Indonesië (en Oost-Timor). In mindere mate heeft het Komitee
Indonesië zich uitgesproken over de diverse bladzijden van de
Nederlandse koloniale geschiedenis, alhoewel het altijd 17 augustus
1945 als onafhankelijkheidsdatum heeft gehanteerd en zich kritisch
heeft opgesteld ten aanzien van de daarop volgende jaren tot de
soevereiniteitsoverdracht en de vermeende ethische en ekonomische
belangen van het Nederlands gezag in Nederlands-Indië. Zo zijn
in heden en verleden - mede in publicaties voor het onderwijs - ook
kritische kanttekeningen geplaatst bij historische figuren als
luitenant generaal J.B. van Heutsz en is het monument aan de
Apollolaan plaats voor diverse demonstraties tegen het Suharto-bewind
en Nederlandse steun daaraan, geweest.
Het
Komitee Indonesië wil zich echter geenszins profileren als een
belanghebbende organisatie bij de toekomst van door U genoemd
monument, hoe politiek de diskussie daarover eerst in de Gemeenteraad
en later de deelraad Oud Zuid ook moge zijn.
Dit
gezegd hebbende, moeten ons toch een aantal zaken van het hart:
1.
Nieuwe (actuele) politieke relatie met Indonesië.
Wij
kennen Clingendael als een zeer gerespekteerd instituut voor
internationale betrekkingen. Een instituut dat gezien de deels nieuwe
politieke constellatie in Indonesië ons insziens vele zinvolle
diskussies kan stimuleren, onderzoeken en aanbevelingen kan doen over
de wijze waarop vanuit (politiek en maatschappelijk) Nederland de
kwetsbare pogingen tot politieke vernieuwing en democratisering
gesteund kunnen worden.
Het
heeft ons verbaasd dat het bestuur van de deelraad Oud Zuid een
consult over een Van Heutsz monument aan Clingendael uitbesteed, daar
waar de Gemeente Amsterdam - na de laatste vrije verkiezingen vorig
jaar - haar gelden zou kunnen besteden aan een herorientatie op
bijvoorbeeld de oude bevroren stedenband met Jakarta. De
huidige Indonesische president - Abdurrachman Wahid - heeft bij zijn
staatsbezoek aan Nederland (en via meer informele weg) duidelijk
laten weten prijs te stellen op investeringen in de Indonesische
ekonomie en steun voor de opbouw van een sterke civiele
samenleving. In beiden zou Amsterdam een rol kunnen spelen.
Speelt
in die actuele politieke relatie het oude Van Heutszmonument nu zon
prominente rol, is onze vraag. Kunnen gelden van de gemeente
Amsterdam niet op een betere manier worden besteed aan het opbouwen
van een nieuwe relatie? Of: moet Indonesië (of Indonesische
wetenschappers) opnieuw lastig gevallen worden met de vraag wat
Nederland kan doen met zijn eigen lastige bladzijden uit de
(koloniale) geschiedenis?
Het
kan overigens opgemerkt worden dat veel personen uit de Indonesische
gemeenschap in Amsterdam zich bij het begraven van vrienden op de
Oosterbegraafplaats eerder storen aan het Van Heutsz mausoleum (waar
met de baar vanuit de aula zowat tegenaan gereden wordt), dan aan het
monument aan de Apollolaan. Maar de Oosterbegraafplaats valt onder
een andere deelraad.
2.
Functie voor het monument
Het
monument aan de Apollolaan - enigszins van ornamenten ontdaan - staat
er, en zou - mits op enthousiaste medewerking gerekend kan worden van
scholen (vooral bovenbouw) in Amsterdam - een aanleiding kunnen zijn
voor het ontwikkelen van een goed programma maatschappelijke vakken.
Naast een historische invalshoek kan gedacht worden aan meer recente
informatie over de (mensenrechten)situatie in Aceh en diverse
maatschappelijke diskussies over het (nog niet verwerkte) Nederlandse
verleden, waarheid, verzoening, excuses etc..
Waarom
is het Van Heutsz monument altijd zo omstreden geweest, waarom hebben
Indonesische ballingen en personen van Molukse afkomst problemen met
diverse monumenten in Nederland en waarom pakte men in Indonesië
Nederlandse monumenten op een bepaalde wijze aan (en hoe worden daar
nu bepaalde monumenten misbruikt voor stukken geschiedvervalsing)?
Het zijn maar een paar vragen waar didactisch veel mee gedaan kan
worden.
Tot
slot
Het
Van Heutsz monument lijkt te worden tot een storm in een duur glas
water waaraan niemand om wat voor redenen dan ook zijn/haar handen
wil branden. Het is ons insziens belangrijker dat jongeren (niet
belast door een bepaald partijpolitiek of andersoort verleden) op
kritische wijze leren kijken naar de Nederlandse geschiedenis, ook
naar de minder fraaie bladzijden en zich op open wijze kunnen
oriënteren op het Indonesiëe van nu. Waarom geen internet
project, waarbij jongeren in Aceh (en andere gebieden) en Nederlandse
jongeren hun visie uitwisselen over wat kontakt en
beinvloeding inhield en in zou kunnen houden. Wellicht een mooi
project om te financieren voor de gemeente Amsterdam. Er zijn nog
weinig scholen in Aceh die over de benodigde hardware faciliteiten
beschikken en ook op het gebied van training valt dan samen te
werken. Of: minder ambitieus... wissel eens wat lerearen bovenbouw
uit rond twee jaar eindexamen en/of nodig Indonesische gasten uit
voor het geven van lessen. Zo maar wat suggesties, waaraan
ondergetekende graag mee zou werken.
Succes
gewenst met het onderzoek en advies.
Met
vriendelijke groet,
namens
het Komitee Indonesië,
Drs.
Yvette Lawson